Explanation

Achtergrond, context, mentale modellen. “Waarom werkt X zoals het werkt”, “wat is de relatie tussen A en B”. Lezer wil begrijpen, niet uitvoeren.

Schrijfwijze

  • Mag narratief zijn.
  • Diagrammen en analogieën zijn welkom.
  • Verwijs naar ADR’s voor beslissingen, en naar reference voor feiten.

Inhoud